
Leishmania bij de hond wordt veroorzaakt door de eencellig parasiet (protozo) Leishmania Donovani. Deze parasiet wordt overgebracht door de zandvlieg, die voorkomt in landen rond de Middellandse Zee. De parasiet nestelt zich in de rode bloedcellen van de hond en zonder tijdige behandeling zal het fataal kunnen zijn.
De zandvlieg die de Leishmania protozo bevat, houdt zich overdag verscholen, maar rond zonsondergang komen zij te voorschijn. De periode dat zich dit voordoet is wanneer de nacht temperatuur boven de 15 graden is. Als de hond wordt gebeten door een BESMETTE zandvlieg komt de Leishmania in het bloed van de hond terecht. De zandvlieg komt nog niet in Nederland voor. Echter; gezien de toename van vroeger (sub)tropische aandoeningen, is het zeer waarschijnlijk dat dat niet al te lang op zich zal laten wachten. Maar zoals gesteld moeten daarvoor de nachten dus wel 15 graden of hoger zijn. Op Corfu (Griekenland) is dat in de periode april tot oktober. Het probleem van de aandoening is dat het ziektebeeld en het verloop van hond tot hond zeer kan verschillen.
Sommige honden krijgen de ziekte heel kort na de infectie, bij anderen is het hun hele leven aanwezig, zonder ooit klachten te hebben. De parasiet kan zich inkapselen in milt en lever, maar ook in beenmerg en/of lymfeklieren. Op zo’n moment is de ziekte dan ook niet aan te tonen door een test. Maanden tot jaren later kan de ziekte “wakker ” worden en gaat de hond pas symptomen vertonen. Of en wanneer de ziekte actief wordt hangt af van de individuele afweer van de hond.
Veelal alle honden in het Middellandse Zeegebied worden vroeg in hun leven door de zandvlieg gestoken en zullen afweerstoffen bij zich dragen. De ziekte kan dan na enkele weken tot jaren (zeven jaar of langer) tot uiting komen. Het treft dan vooral honden met een zeer laag immuunsysteem. Ook al is de hond getest en negatief bevonden, dat wil niet zeggen dat de hond niet jaren later – tot 7 jaar – alsnog de ziekte kan krijgen.
De honden die Stichting Wereldhonden laat overkomen uit landen rond de Middellandse Zee worden getest op Leishmaniose. De test geeft een goede indicatie maar is helaas niet 100% betrouwbaar, mede omdat de test in feite een beeld geeft van 3-4 maanden geleden. Bij pups heeft het dus nog geen zin om te testen.
Leishmaniose is een van de moeilijkste ziektes om te herkennen aan de hand van symptomen omdat het zo’n divers ziektebeeld kan hebben. Bovendien kan de hond drager zijn (positief) zonder ooit ziek te worden.
Afhankelijk van de organen die aangetast zijn door de parasiet en het stadium van de ziekte, kunnen er verschillende ziekteverschijnselen optreden:
Algehele toestand van de hond:
Huidklachten:
Bloed:
Overige:
De diagnose is nogal een lastig vanwege de verschillende uitingsvormen. Daarnaast bestaan er meerdere testen voor Leishmaniose die op verschillende momenten of gecombineerd kunnen worden toegepast. Wordt er negatief getest maar blijven de klachten, dan is het aan te raden nog eens te testen.
In principe is de hond goed te behandelen, mits tijdig ontdekt. Nadat de hond positief getest is, wordt gestart met de tablettenkuur van Allopurinol, dat de symptomen doet verminderen. Honden die na behandeling opnieuw getest worden, kunnen negatief zijn. Sommige blijven de tablettenkuur gedurende hun hele leven gebruiken zonder nadelige gevolgen. Ze blijven echter wel drager van de ziekte. Het is tevens verstandig om het bloed om de 3 tot 6 maanden te laten controleren in de beginfase.
Als bij mijn hond Leishmaniose is vastgesteld, kan hij mijn andere huisdieren besmetten?
Nee. Tijdens spelen, likken of bijten van andere honden/katten/dieren kunnen ze deze niet besmetten.
Ik heb een klein kind thuis, kan het kind worden besmet door mijn hond?
Net als met andere dieren, kan de hond geen mensen besmetten. Hier is een vector voor nodig (= ziekte-overbrenger bv. een insect), de Phlebotomo.
Ik heb een hond geadopteerd die positief is gebleken op Leishmaniose – wat moet ik doen?
Leishmaniose is een chronische ziekte die perfect behandeld kan worden bij de meeste honden en die niets afdoet aan hun levensverwachting.
Kan een hond overlijden aan de gevolgen van leishmaniose?
Ja, maar dat zijn uitzonderingen. Als een hond in een stabiele, rustige omgeving verblijft en zich prettig voelt, zodat het afweersysteem goed kan functioneren, gaat het in de meeste gevallen met behulp van de medicatie Allopurinol® erg goed.
Hartwormen zijn de meest levensbedreigende hondenwormen, omdat ze zich in het hart en de longslagaderen van de hond vestigen waar zij een tekortschieten van de hartfunctie en uiteindelijk de dood veroorzaken. Volwassen wormen zijn 10 tot 30 cm lang en hebben een diameter van ongeveer 1 mm.
Hartwormen worden uitsluitend door muggen overgebracht en kunnen dus niet via bijvoorbeeld bijtwonden of contact met ontlasting op een andere hond worden overgebracht. Hartworm komt voor in warme landen. In Nederland komt hartworm niet voor maar de parasiet lijkt zich wel steeds verder te verspreiden en hartworminfecties zijn inmiddels al waar genomen tot in Noord-Frankrijk (iets om rekening mee te houden als u uw hond meeneemt op vakantie). Wanneer een besmette mug een hond bijt, geeft hij de larven van de worm door die vervolgens door het lichaam migreren totdat ze in circa 3-4 maanden tijd hun uiteindelijke bestemming hebben bereikt (hart en longslagaderen); daar groeien ze binnen nog eens 3 maanden uit tot volwassen wormen (macrofilariae) en de vrouwelijke wormen beginnen larven te produceren (microfilariae) die ongeveer 2 jaar kunnen overleven in de bloedsomloop.
Wanneer een nog niet besmette mug een besmette hond bijt, pikt hij deze larven op zal besmet raken en kan dan de besmetting zo doorgeven aan andere honden.
Na verloop van tijd veroorzaakt de aanwezigheid van volwassen wormen in het hart en de longslagaderen een ontsteking en een verdikking van de wand van de aderen die leidt tot een verhoging van de bloeddruk en een grotere inspanning van het hart om het bloed door deze aderen te pompen. Als gevolg kan de hartfunctie van de hond tekort gaan schieten, wat uiteindelijk tot de dood kan leiden. De hond vertoont doorgaans pas waarneembare symptomen wanneer de ziekte in een zeer ernstig stadium is gekomen (meestal 3 tot 5 jaar na besmetting). De eerste tekenen bestaan uit af en toe hoesten en vermoeidheid; later wordt de hoest chronisch en gaat gepaard met een moeizame ademhaling – vooral tijdens en na lichaamsbeweging –, een lichte bloedarmoede en lusteloosheid. In vergevorderde gevallen kan de hond zelfs al na een lichte lichamelijke inspanning instorten. De meeste honden ontwikkelen uiteindelijk een congestief tekortschieten van de hartfunctie.
De behandeling van een hartwormbesmetting is, vooral als er al klachten zijn, een lang en riskant proces. Zowel stervende hartwormen als hun larven kunnen leiden tot shock en embolie. Tijdens de behandeling moeten honden streng gecontroleerd worden op bijwerkingen en moet hun activiteit gedurende een paar weken beperkt worden. Bovendien – in vergevorderde gevallen – herstelt hun gezondheid zich niet, zelfs niet na een doeltreffende behandeling.
In tegenstelling tot de behandeling is de preventie van hartworm veilig, gemakkelijk en doeltreffend. Voordat er met een preventieve behandeling wordt gestart, moeten honden worden getest op een hartwormbesmetting; besmette honden moeten worden behandeld tegen volwassen wormen en microfilariae, voordat er wordt begonnen met een preventieprogramma. Deze test op hartworm heeft een positieve uitslag als er tenminste 3 vrouwelijke wormen aanwezig zijn, als er op moment van de test bijvoorbeeld 1 of 2 vrouwelijke wormen aanwezig zijn zal dat helaas niet in de test naar voren komen, maar bij een latere test zal dan de uitslag toch wel positief kunnen zijn. Vandaar dat men altijd alert moet zijn op de genoemde verschijnselen. Preventieve middelen worden doorgaans maandelijks toegediend, te beginnen binnen één maand na aanvang van het muggen seizoen (of de blootstelling aan een mogelijke besmetting, bijvoorbeeld wanneer je naar landen met hartworm reist) tot één maand na het eind van de blootstelling.
Werkzame middelen tegen hartworm zijn o.a. Stronghold en Advocate (werkt ook tegen vlooien en tegen de meest voorkomende wormsoort, de spoelworm) en Milbemax en Milpro (werkt ook tegen alle andere veel voorkomende hondenwormen en zorgen zo voor een volledige bescherming tegen wormen).
We adviseren altijd uw geadopteerde hond uit een risicogebied als hij eenmaal in Nederland is een van de genoemde middelen te geven om een eventuele laatste besmetting te doden.
Ehrlichiose is een ziekte die door teken wordt verspreid. De belangrijkste drager en verspreider van Erlichiose, de Rhipicephalusteek, komt voornamelijk voor in de mediterrane landen, maar wordt ook al jaren in Nederland aangetroffen. Het is een bacterieachtig organisme dat de witte bloedlichaampjes infecteert.
Ehrlichiose is een sluipende ziekte. De eerste symptomen volgen 5 tot 20 dagen na de besmetting: koorts, rillingen, gebrek aan eetlust, neerslachtigheid en bloedarmoede. Ze lijken erg op die van Babesiose en andere ziektes, daarom is het belangrijk om bij klachten alle ziektes te testen. Soms komt het ook voor dat Ehrlichiose in combinatie met Leishmaniose gezien wordt of met babesiose.
De ziekte kan ook met andere verschijnselen gepaard gaan: gezwollen lymfeklieren, pijnlijke spieren en gewrichten, bloed in de urine, bloedingen in de neus en elders, ernstige rug- of nekpijn en oogproblemen (uitscheiding, infecties). Ook neurologische afwijkingen als toevallen of moeilijk lopen komen voor, evenals problemen met de ademhaling of met het hart. Ehrlichiose heeft, wanneer de hond niet behandeld wordt, vaak een dodelijke afloop of krijgt een chronisch verloop. Ook na een behandeling blijft de ziekte soms chronisch aanwezig. Er ontstaat dan een zeker evenwicht tussen de ziekteverwekker en het immuun- systeem van de hond. De hond is niet echt ziek, maar ook niet echt in orde: Hij is de oude niet meer. De ziekte kan opnieuw opvlammen als de hond om de een of andere reden onder druk staat of een periode van verminderde weerstand doormaakt, bijvoorbeeld doordat er andere ziektes bijkomen (met name Babesiose) of door medicijngebruik (Prednison bijvoorbeeld is erg schadelijk). Maar als u er op tijd bij bent is het zeer goed te behandelen met een antibiotica- kuur en kan de hond zeer goed genezen.
Ehrlichiose moet worden vastgesteld met bloedonderzoek. Verhoogde activiteit van de lever, een laag aantal witte bloedcellen en een laag aantal bloedplaatjes zijn aanwijzingen. Soms kan de parasiet zelf worden ontdekt, zij het minder makkelijk dan bij Babesiose. Wanneer er antistoffen aanwezig zijn, is de hond in elk geval met de ziekteverwekker in aanraking geweest. Als hij daarnaast een aantal van de genoemde symptomen vertoont, kan men er redelijk zeker van zijn dat hij aan Ehrlichiose lijdt.
Ehrlichiose is weliswaar ernstig, maar is met antibiotica goed te behandelen De meeste honden herstellen goed wanneer de ziekte in een vroeg stadium wordt herkend en voortvarend wordt behandeld. Chronische gevallen zijn heel moeilijk te genezen. De behandeling is een kuur van Doxycycline. Deze moet gedurende minimaal 3 weken gegeven worden. In sommige gevallen kan tot 2 maanden behandeld worden.